Het Hongaarse parlement heeft zich op 7 december 2009 met overgrote meerderheid uitgesproken tegen het gebruik van cyanide bij de winning van goud. Hongarije stelt hiermee wereldwijd een nieuwe standaard op milieugebied en kan zo een voortrekkersrol gaan spelen bij een verbod op het gebruik van cyanide in de mijnbouwsector in Europa.
Een papierpulpfabriek in het Atlantisch regenwoud van Brazilië en een elektriciteit opwekkende dam in de bron van de Nijl in Oeganda, lijken op het eerste gezicht niet veel gemeen te hebben. Toch zijn beide projecten gefinancierd door de Europese Investeringsbank (EIB) en hebben beide projecten een aanzienlijke impact op de leefomgeving van de arme lokale bevolking.
De Wereldbank, een instelling die streeft naar duurzame mondiale ontwikkeling, wil zich nu profileren als de klimaatbank. Deze rol lijkt echter niet voor de hand te liggen en is eerder in tegenspraak met de uitvoering van haar beleid. Zo zijn criteria van haar klimaatinvesteringsfondsen niet ambitieus genoeg. De Wereldbank geeft bovendien aan zich niet met politieke beslissingen te willen bemoeien, terwijl oplossingen richting klimaatproblematiek mede via de politieke akkoorden bereikt zullen worden. Ook domineren Westerse landen de besluitvorming binnen de bank, en dat terwijl de klimaatproblematiek vooral juist de armere landen treft. Kortom: is de wereldbank wel zo geschikt voor deze rol als klimaatbank?